Tagarchief: Pieter-Jan De Pue

Het eeuwige Perzië

In juni 2009 schreef ik tijdens mijn rondreis door Iran tijdens de presidentsverkiezingen elke week een column voor De Standaard. Hier alvast één daarvan.

© Pieter-Jan De Pue

Het is zes uur ’s morgens en ik sta met blote voeten in het natte zand. Voor mij ligt het water van de Perzische Golf te fonkelen in de ochtendzon. Af en toe rijdt een auto over het strand en drie jongens spelen handbal in de branding. We zijn aangekomen in de havenstad Bandar-Abbas en hebben daarmee het meest zuidelijke punt van onze tocht door Iran bereikt.

Een nachtelijke treinreis van tien uur in een bloedhete wagon heeft me geradbraakt, en om krachten op te doen gaan we ash – een soort Iraanse ontbijtsoep – eten in het centrum van Bandar-Abbas. Hossein, de eigenaar van de eetwinkel, staat erop om ons rond te leiden door zijn stad: hij ontmoet immers niet elke dag buitenlanders. Even later scheurt een oude motorboot met daarin Hossein, mezelf en enkele donkergekleurde Bandari’s over de Perzische Golf. We zijn op weg naar de Straat van Hormoz, een belangrijke scheepvaartroute voor aardolie uit de Golfregio die voor Iran van onschatbare strategische waarde is.

Hossein, grootvader van vier kleinkinderen, houdt al de hele tijd zijn rozenkrans vast en tuurt over het water. “Persian Gulf,” glimlacht hij. “Not Arab Gulf. De Arabieren proberen al een tijd de naam van deze wateren te veranderen, maar dat zal hen niet lukken. Weet je wat een van de grootste problemen van dit regime en van president Ahmadinejad is? Ze hebben geen respect voor de bevolking en voor ons grootse verleden. Persepolis, Cyrus de Grote, het Perzische wereldrijk: die woorden hebben voor Ahmadinejad helemaal geen betekenis.”

“Persepolis, Cyrus de Grote, het Perzische wereldrijk: die woorden hebben voor Ahmadinejad helemaal geen betekenis.”

Hossein is diepgelovig, maar toch heeft hij – samen met zijn hele familie – voor Mousavi en dus tegen het regime gestemd. “Wanneer je erg religieus bent, zijn veel mensen verrast dat je voor Mousavi hebt gekozen. Maar hij is een betere moslim dan Ahmadinejad. In de Koran staat dat je het goede moet doen, terwijl deze president ons vier jaar lang alleen maar kwaad heeft berokkend. Ahmadinejad is meer met de Palestijnse kwestie bezig geweest dan met zijn eigen bevolking. Het land is er economisch erg slecht aan toe. Elke week zie ik uit Bandar-Abbas vrouwen vertrekken naar een van de Arabische staten in de Golf. Ze gaan er hun lichaam verkopen, omdat hier alleen maar armoede en werkloosheid is.”

Helemaal voorin onze boot begint een zwarte vrouw met een feloranje sluier plots uitbundig naar me te wuiven. “Ik ben Khadidje!”, schreeuwt ze in de wind. “O, je bent de vrouw van de profeet Mohammad!” roep ik terug. Ze schaterlacht, en Hossein legt kort zijn hand op mijn schouder om opnieuw mijn aandacht te trekken.

“Dit regime heeft onze profeet met jarenlange leugens diep beledigd. In alle grote steden van dit land protesteren mensen tegen de verkiezingsuitslag, en de regering denkt dat het gewoon om een studentenrevolte gaat, zoals we in 1999 al meemaakten. Maar nu zijn het niet alleen de studenten die op straat komen. De hele natie zal zich bij hen aansluiten. Er is een nieuwe revolutie in de maak, daar ben ik zeker van. Dit regime is tijdelijk, maar de kracht en grootsheid van Perzië zijn eeuwig. We zullen sterker uit deze crisis komen.”

Wanneer we voet aan land op het eiland Hormoz zetten en ik over mijn schouder naar het water kijk, doen de woorden van Hossein me even de tijdelijkheid van de politiek vergeten en is er een paar seconden lang alleen maar de onvergetelijk mooie, eeuwige Perzische Golf.

Deze column verscheen in De Standaard van 19 juni 2009

Reacties uitgeschakeld voor Het eeuwige Perzië

Opgeslagen onder Uit een oudere doos

Saved by Islam – how an Iranian holy man rescued us from jail


Our hero, Hojatoleslam Hosseini   © Pieter-Jan De Pue

The room is full of garish plastic flowers that make it impossible to concentrate on what the man seated in front of me is saying. Not helping matters is the overwhelming heat, which has me fidgeting uncomfortably in my chair. The black chador draped over my head—in keeping with Islamic dress code—falls, and a sweaty clump of hair slips to my shoulder. Mr. Hosseini, one of the highest-ranking Islamic leaders in Qom, Iran’s religious capital, doesn’t notice. He is rhapsodizing.

“There is a reason why I want to meet personally journalists who visit the Hazrat-e Masumeh shrine,” Hosseini informs me through my translator and guide. “There are many misunderstandings about Islam. I want you to remember this: Islam is peace. Unfortunately, politics always separates people. But we are not hostile to anyone.” Clearly, he means it, but I’m being forced to listen so it isn’t very convincing.

I’ve only just arrived in the sleepy city of Qom with my photographer, Pieter-Jan, after a one-week stay in press-packed Tehran. In the taxi from the train station to the city center, our driver was puzzled: “Beh name khoda, in the name of God, what are you doing here?” Before I could explain that we’re here gathering research for an upcoming book on youth movements, he caught my eye in the rearview mirror, smiled, and shook his head. “There are rarely any foreigners in this city—not even journalists. You will be the talk of the town.” He dropped us at the Hazrat-e Masumeh, the holiest shrine in Qom, and we quickly understood what he meant. “Salam khareji! Hello, foreigner!” a young man waved at me from the other side of the street. “Be behesht khosh amadid! Welcome to paradise!”


Hazrat-e Masumeh: The holiest shrine in Qom, one of Iran’s most holy cities  © Pieter-Jan De Pue

We had barely entered the shrine when the head supervisor insisted we come with him to the office of the local hojatoleslam. This title is given to clerics of advanced standing in Islamic studies—in essence, influential interpreters of the Koran and setters of the moral standard. They wield immense power in every echelon of Iranian culture, and it was made obvious that if we refused to meet with him, we would not be interviewing or photographing anyone anytime soon. “Don’t worry. Mr. Hosseini just wants a friendly talk with you,” the supervisor said to us. I’d had a similar chat with civil authorities in Tehran—it is a strange thing to get accustomed to. Lees verder

Reacties uitgeschakeld voor Saved by Islam – how an Iranian holy man rescued us from jail

Opgeslagen onder Iran, Uit een oudere doos

14 december in Brussel: Safar, Pieter-Jan, ikzelf, en Haleh

© Pieter-Jan De Pue

deBuren, dat de reportage van Pieter-Jan De Pue en ik door Iran financieel (en moreel) ondersteunde, blijft Iran een warm hart toedragen en organiseert in het najaar een nieuwe activiteit rond het land.

De documentaire Safar (Reis) van Talheh Daryanavard laat de treinreis zien van drie vriendinnen van Teheran naar hun geboortedorp aan de Perzische Golf. Een reis die ook Pieter-Jan De Pue en ikzelf maakten, en die resulteerde in het boek Duizend-en-één dromen. Een reis langs de Trans-Iraanse Spoorlijn. Na Safar een gesprek met de regisseur, mij en Pieter-Jan over het dagelijkse leven in Iran en de positie van de vrouw. Aansluitend een optreden van de Iraans-Belgische Haleh.

Documentaire (Franse en Engelse ondertiteling) om 19:00

Gesprek (in het Nederlands en Engels) om 20:00

Concert om 21:00

In samenwerking met het Rits Café en Cinema Rits

Reserveren graag via info@deburen.eu, of gewoon via mij!

Reacties uitgeschakeld voor 14 december in Brussel: Safar, Pieter-Jan, ikzelf, en Haleh

Opgeslagen onder Iran

Iran: een robuuste, oude wijn

“Ben je niet bang?” Het is de vraag die ik het vaakst te horen krijg wanneer ik mensen vertel dat ik straks een maand door Iran reis, mét een journalistenvisum.
Nee, ik ben helemaal niet bang. Angst is een slechte raadgever, niet alleen in Iran, maar overal en altijd in het leven. Wie zijn dromen verwezenlijkt, is niet bang. En voor het eerst voet op Iraanse bodem zetten, is een droom die ik al jaren koester en die op 1 juni eindelijk werkelijkheid wordt. Brussel-Istanbul-Teheran, Imam Khomeini Airport. Ik tel de dagen af.

Strikt genomen ga ik naar Iran om te ‘werken’: Pieter-Jan De Pue en ikzelf zullen in de marge van de presidentsverkiezingen vier keer verslag uitbrengen voor De Standaard, ik zal dagelijks bloggen voor dezelfde krant, en in maart 2010 verschijnt bij Uitgeverij Lannoo een boek over onze reis. Toch zal ik nooit het gevoel hebben dat het hier om werk gaat. Me in Iran verdiepen, is niet werken, maar genieten. Ik prijs mezelf gelukkig dat ik van mijn grootste passie misschien straks wel mijn beroep kan maken.

Wat me zo aantrekt in Iran? Het is na ‘ben je niet bang’ die andere vraag die mensen me vaak stellen. Vaak zie ik dan een blik in hun ogen die zegt: brrrr, wil je daar echt naartoe, naar zo’n eng land waar je niet mag zeggen wat je denkt, waar homoseksuelen worden opgehangen en waar vrouwen zo schandalig worden gediscrimineerd? Ja, dat wil ik echt, en ik geloof dat we in het Westen een veel te eenzijdig beeld hebben van de Islamitische Republiek. Natuurlijk, ik ben er nog niet geweest, dus ik spreek niet uit ervaring, maar op grond van alle boeken die ik gelezen heb, kan ik beslist zeggen dat hier al te vaak één kant van Iran wordt belicht. De fanatieke, duistere kant. En daar zijn de media in grote mate verantwoordelijk voor.

Maar ik wijk af – ik had het over wat Iran voor mij zo fascinerend maakt. Waar zal ik beginnen? België is een jong wijntje, maar Perzië is een robuuste oude wijn, en die hebben altijd meer te bieden. De geschiedenis van Iran bestuderen, dat is eigenlijk kennismaken met de geschiedenis van onze hedendaagse beschaving; het is de mens zelf ontdekken. Ik kan in dat verband trouwens ten zeerste het boek Persian fire van Tom Holland aanbevelen; geen andere werk ontsluit de geschiedenis van het oude Perzië op zo’n tegelijk toegankelijke en degelijke manier.

Er is de geschiedenis, en er is uiteraard ook de Perzische literatuur. Iran is een land van dichters, wordt vaak gezegd, en dat is niet zomaar een leeg cliché. Prachtig vind ik het, hoe de poëzie zelfs in het dagelijkse leven van Iran aanwezig is: hun dichters blijven ze na eeuwen nog steeds herdenken, en op de achterruiten van taxi’s zijn zelfs vaak verzen van Hafez te vinden.

Door Iran te ontdekken, ben ik een rijker mens geworden. Zeker, België heeft zijn schoonheid, maar de Perzische cultuur heeft mijn blik ontzettend verruimd. Maakt u zich geen zorgen: ik zal in Iran niet blind zijn en ook de negatieve aspecten waarnemen en beschrijven. Maar bovenal wil ik zoveel mogelijk mensen ook laten zien dat dit land zoveel meer is dan gesluierde vrouwen en bebaarde ayatollahs:

Iran, ey khorram behesht e man
Roushan az to sarnevesht e man
Gar atash barad be peykaram
Joz mehrat dar del naparvaram

Iran, o mijn groene paradijs
Verlicht is mijn lot dankzij jou
Wanneer het vuur regent op mijn lichaam
Een andere dan jouw liefde zal ik niet koesteren in mijn hart

(uit het populaire Iraanse volkslied ‘Ey Iran’)

1 reactie

Opgeslagen onder Iran