Rimpels zijn stille getuigen van elke glimlach van weleer

Deze column verscheen op 5 mei op DeMorgen.be 

Elke week kiest onze taalcolumniste Ann De Craemer het #WoordVanDeWeek. Dat kan een actueel woord zijn, een hip nieuw woord, een woord dat een snaar raakt, een totaal vergeten woord of een woord dat allang had moeten bestaan. Deze week: rhytifobie.

Neem, geachte lezer, even plaats in mijn virtuele biechtstoel. Laat mij, in de revolutionaire rol van mevrouw pastoor, het luikje langzaam opzij schuiven en u daarna vragen of gij, beminde social mediagelovige, uw selfies weleens bewerkt vooraleer u die online gooit. Wat is uw rechtschapen antwoord? Juist, ja — uiteraard doet u dat. Mea culpa, mea minima culpa: ik heb het zelf ook al gedaan. Wanneer je er op een selfie belabberd uitziet, zijn de oplossingen te dichtbij om er géén gebruik van te maken. Even Microsoft Selfie (bijvoorbeeld) op je zelfportret loslaten en op slag kun je anderen – en misschien jezelf – doen geloven dat je vijf jaar later bent geboren dan op je paspoort vermeld staat.

Ter compensatie (of ter vergeving) van onze onverbeterlijke verjongingsdrang kunnen we nu onze toevlucht nemen tot een app die vorige week werd gelanceerd: FaceApp. Ook daarmee kun je jezelf er een pak jonger laten uitzien, maar de filter die gebruikers in FaceApp het meest aantrekt — getuige de vele voorbeelden die ik zag passeren ­­— is degene die je gezicht in een mum van tijd omtovert in een gerimpeld en doorleefd gelaat. Als je als man wilt weten hoe je vrouw er zal uitzien als ze oud is, kijk dan naar je schoonmoeder, luidt een volkswijsheid. Niets daarvan: in 2.0-tijden gebruik je gewoon FaceApp.

Columniste Sarah Sluimer had het in de Volkskrant over de ‘ouderdomsfilter’ van FaceApp – een woord dat op Google slechts driehonderd hits oplevert en dus een neologisme is. Het succes van de ouderdomsfilter is best wel ironisch: rimpelige selfies vinden we ge-wel-dig, op voorwaarde dat de rimpels bij een nog verre toekomst horen.

Angst voor rimpels, daarvoor bestaat een welluidende medische term: rhytifobie. De fotofilters op onze smartphones doen de collectieve rhytifobie waaraan onze samenleving lijdt ­— en dan vooral de reclame- en modewereld — alleen maar toenemen. Sommigen kunnen de angst niet de baas en kiezen voor de permante verjongingsfilter genaamd botox. Iemand zou een woord moeten uitvinden voor de angst die ík dan weer voel wanneer Bart Kaëll glimlacht en zijn gezicht op scheuren staat.

De bekendste rhytifoob uit de geschiedenis moet het titelpersonage zijn uit Oscar Wildes roman The Picture of Dorian Gray. Dorian Gray is een knappe jongeman die door zijn vriend Basil Hallward een perfect portret van hem laat maken. Het is Dorians droom om er altijd zo jong te blijven uitzien als op zijn portret. Zijn wens wordt werkelijkheid: niet hij maar het schilderij wordt in zijn plaats ouder en lelijker. Uiteindelijk wordt Dorian zijn eeuwige jeugd moe en gaat hij met een mes het schilderij te lijf. Dat verandert weer in zijn oorspronkelijke staat, en op het einde vindt Dorians huishoudster hem neergestoken op de vloer, veranderd in een lelijke oude man.

Vandaag zijn het onze portretten die eeuwig jong blijven terwijl wij verouderen, maar uiteindelijk bedriegen we onszelf op net dezelfde manier als Dorian Gray dat doet: we willen blijven drinken van de fontein der eeuwige jeugd. Menselijk, maar is het niet gezonder om opnieuw plaats te nemen in de biechtstoel en het beeld dat we van – vooral – vrouwen willen etaleren bij te spijkeren, en te geloven in wat Wildes collega Mark Twain ooit zei: dat rimpels ons alleen maar laten zien waar zich ooit een glimlach in je gelaat heeft gevormd?

Reacties staat uit voor Rimpels zijn stille getuigen van elke glimlach van weleer

Opgeslagen onder Columns

Reacties zijn gesloten.