Waar is uw vertrouwen in leerkrachten, Pascal Smet?

Deze column verscheen in de Krant van West-Vlaanderen van 4 april

Toen ik in 1999 mijn middelbare school beëindigde aan het Heilige Familie Instituut in Tielt, was er in alle zesdejaarsklassen één iemand die een advocaat onder de arm nam omdat ze het niet eens was met het C-attest van de klassenraad. Wij waren, eerlijk gezegd, verbijsterd: het meisje had het hele jaar slechte resultaten geboekt, dus schrokken we niet van de beslissing van de leerkrachten. Niettemin won ze het pleit en mocht ze met haar universitaire studie van start gaan.

De voorbije jaren hoorde ik steeds vaker verhalen over leerlingen die zich niet neerleggen bij het verdict van de klassenraad. Daar doet minister van Onderwijs Pascal Smet nu nog een schepje bovenop met zijn decreet over ‘de rechtspositie en de participatie van leerlingen’, vorige week goedgekeurd door het Vlaams Parlement. ‘Een leerling die het niet eens is met de beslissing van de klassenraad kan naar een beroepscommissie stappen. Dat kan ook bij uitsluitingen’, las ik. De commissie kan een beslissing van de klassenraad ongedaan maken en een C-attest in een A-attest, of ‘niet-geslaagd’ in ‘geslaagd’ omzetten.

Waar is in godsnaam het vertrouwen van de minister in het vermogen van leerkrachten om een correcte beslissing te nemen over de toekomst van leerlingen wier prestaties zij een jaar lang hebben gevolgd? Ik zeg niet dat we terugmoeten naar de tijd waarin scholieren hun mond moesten houden zodra de leerkracht de klas binnenkwam. Ik zeg wel dat ik vrees dat leerlingen vandaag te veel inspraak krijgen, en dit een kwalijke evolutie is die de kwaliteit van ons onderwijs verder uitholt. Vrienden in het onderwijs vertellen me dat ze steeds terughoudender of zelfs bang geworden zijn om een onvoldoende te geven, omdat het kan leiden tot een C-attest en er dan ‘te veel gedoe achteraf’ ontstaat. Dat betekent dat leerlingen die dat eigenlijk niet verdienen vaak onterecht overgaan naar het volgende jaar. Het gevolg is dat we ook van professoren meer en meer klachten horen over het belabberde niveau van de studenten, en terecht: sommigen hadden niet eens aan een universitaire studie mogen beginnen. Dat is niet in de eerste plaats de schuld van de studenten zelf. Dat is de schuld van een onderwijssysteem waarin een C-attest  blijkbaar niet langer wordt gezien als een signaal dat men beter ter harte neemt, maar als een beslissing die met alle macht bevochten mag en kan worden. Falen mag niet meer. Men moet en zal slagen, zelfs al is het via een rechtbank en met de hakken over een diepe sloot. Zou het niet beter zijn om deze uiting van een prestatiegerichte maatschappij in te tomen in plaats van ze met decreten te stimuleren?

Ik ben de eerste om mijn lesgevende vriendinnen zelf plagerig te jennen wanneer ze klagen over hun verbeterwerk, maar besef tegelijk goed genoeg dat veel vakantie allesbehalve betekent dat zij een gemakkelijke job hebben. Er is bijvoorbeeld de omslachtige papierwinkel die ze te verwerken krijgen – volgens een recente enquête onder 10.000 leerkrachten net hun grootste ergernis. Maar veel ondergravender voor de bezieling van leerkrachten, die net het kloppende hart van het onderwijssysteem zou moeten zijn, is dat onze minister van Onderwijs een smet – what’s in a name – werpt op het vertrouwen in het gezond verstand van een klassenraad. Leerkrachten zijn niet zonder fouten, maar wie hen behandelt als kinderen die na elke beslissing op de vingers getikt moeten worden, creëert een situatie waarin straks zelfs een kleuter naar de universiteit mag trekken.

 

 

1 reactie

Opgeslagen onder Columns

Een Reactie op “Waar is uw vertrouwen in leerkrachten, Pascal Smet?

  1. Een terechte column. Leerlingen en ouders zouden moeten beseffen dat een negatief resultaat ook een resultaat is waaruit je lessen kan trekken voor de toekomst.