Moeder van alle soldaten

Over de Groote Oorlog heeft wellicht iedereen in dit land een verhaal te vertellen: wie in zijn familiegeschiedenis graaft, komt er al snel achter dat zijn voorvaderen een eeuw geleden geconfronteerd werden met de gruwelen waartoe de slachtpartij van 1914-1918 heeft geleid. Ook in mijn verleden heeft de Eerste Wereldoorlog zijn sporen nagelaten. Zo woonde mijn grootmoeder langs vaderskant in Langemark-Poelkapelle toen WOI uitbrak. Tijdens de Slag van Langemark, die op 21 oktober 1914 het begin van de Eerste Slag om Ieper inluidde, werd hun huis gebombardeerd. Mijn grootmoeder, toen acht jaar, vluchtte samen met haar ouders, zussen en broer naar het Franse Dax. In 1919 verlieten ze Frankrijk en kwamen ze via een ver familielid terecht in Tielt, de stad waar nota bene de eerste gifgasaanval uit de geschiedenis werd beraamd, die op 22 april 1915 hun thuisbasis Langemark had getroffen. In een huis in de Nieuwstraat besloten de Duitsers, die in Tielt het Vierde Duitse Leger hoofdkwartierden, gifgas als oorlogswapen te gebruiken.

Decennia later zou in diezelfde Nieuwstraat mijn grootmoeder langs moederskant de laatste jaren van haar leven in een serviceflat doorbrengen. Zij was vijf toen de oorlog uitbrak, en die had onder meer als direct gevolg dat haar vader, die in 1910 met de Red Star Line naar Amerika was vertrokken om er geld te verdienen, niet naar huis kon terugkeren. Het aanvankelijke plan was dat de hele familie hem in 1912 zou achterna reizen, maar mijn overgrootmoeder wilde dan toch huis en haard niet verlaten. Haar echtgenoot besloot nog een paar jaar te blijven en dan terug te keren, maar daar stak de oorlog een stokje voor. Pas in 1919 zou mijn grootmoeder haar vader voor het eerst echt ontmoeten. Toen ze op haar tachtigste noodgedwongen van het platteland naar de Nieuwstraat moest verhuizen, en ze daar meer en meer over vroeger begon te vertellen, zong ze steeds vaker een lied dat als kind een onuitwisbare indruk op mij naliet, ‘Achter het stille’ klooster, dat ging over een soldaat die was gesneuveld in WOI. Zijn moeder klopt aan bij het klooster: ‘Ligt m’n zoon hier, zwaargewond soms? / ‘k Zou zo gaarne tot hem gaan.’ Maar het antwoord van de zuster neemt meteen alle hoop weg:  ‘Arme moeder, sprak de zuster,
/ Uwe zoon, hij leeft niet meer,
/Al zijn lijden, is geweken, /Hij stierf voor zijn land en eer.’ Mijn grootmoeder zong het met zoveel inleving dat ik meteen kon voelen hoezeer de oorlog ook op haar als klein meisje zijn impact had gehad.

Ze had geen zoon die was gesneuveld in een oorlog, maar ze was een moeder zoals we dat volgens de Turkse legerofficier Atatürk van de frontsoldaten allemaal zijn: “Jullie, de moeders die hun zonen wegstuurden naar verre landen; droog uw tranen. Uw zonen rusten nu ook in onze boezem, en zijn na hun dood ook voorgoed onze zonen geworden.”

Deze column verscheen in de Krant van West-Vlaanderen van 15 november

Reacties staat uit voor Moeder van alle soldaten

Opgeslagen onder Columns

Reacties zijn gesloten.